Joyce Fias
Joyce rijdt op een maandagavond van Hasselt naar Brugge, aan de keukentafel van Griet Alice. Morgen begeleiden ze samen een groep ondernemende vrouwen in het Lentetraject - maar vanavond is er eerst dit gesprek. Met uitzicht op het bos, en de godin Kali die al langs is geweest (ja, een brandje in de voortuin!) vlak voor de opname begint.
Joyce omschrijft zichzelf als diep. Het woord komt vanzelf. Ze groeide op in een warm vrouwenbad - een mama met twee zussen, twee zussen van haarzelf, een vrouwelijke meter - en toch bleef vrouw-zijn iets waar ze naar zocht. Als tiener wachtte ze op haar eerste bloeding, terwijl vriendinnen om haar heen gevierd werden. Die bloeding kwam nooit. Uiteindelijk werd haar baarmoeder operatief verwijderd, een ingreep die diepe sporen naliet en haar zoektocht naar vrouwelijkheid voor altijd heeft gevoed.
Wat doe je met een cyclus als er niets meer te tellen valt? Joyce ontdekte haar eigen ritme via haar energieniveaus, de maancyclus, een lichaam dat bleef spreken ook al sprak het anders dan verwacht. Het is een verhaal dat ook raakt aan wat zij ziet in haar praktijk in Hasselt, waar ze al vijftien jaar met vrouwen werkt: een diep verlangen om te mogen ontspannen in het vrouw-zijn. Vrouwen met een overprikkeld zenuwstelsel die vergeten zijn hoe het voelt om gewoon te zijn.
En dan is er Christophe. Dertig jaar samen. Joyce vertelt openhartig over wat het echt vraagt om al die jaren met dezelfde man te delen - over pijn, vervreemding en het pad terug naar elkaar. Over de adoptieprocedure die hen hun zoon Julien bracht vanuit de Filipijnen. En over de keuze om telkens opnieuw te blijven. De vraag die voor haar alles samenvat: Wat zou liefde hier doen?
Een gesprek over het vrouwenlichaam en haar wijsheid, over cyclisch leven ook zonder bloeding, over spiritualiteit met de voeten in het leven. En over de kunst van blijven.
—